Verwarring is noodzakelijk

Verwarring scherpt de creativiteit aan!

“Essentieel in het project UP” verzekert kunstenaar Lieven ons, “is onvoorspelbaarheid en toeval – is verwarring – is kwetsbaarheid”.
De toon van de meeting is hiermee gezet.

Ik zorg voor de beveiliging

De laatste Bloedtest vergadering die ik in 2018 meemaakte krijgt de prijs van de meest curieuze. Het aanvangsuur was beduidend vroeger dan wij gewoon zijn bij Wit.h. Maar dit deert me niet. Ik heb alles goed voorbereid opdat iedereen comfortabel kan deelnemen. Er is koffie, koekjes, ik heb het schrijfbord kraaknet gezet en krijt in diverse kleuren klaar gelegd.
Onze chef artisiek arriveert als eerste. Hij lijkt erg ontspannen maar wij weten dat hij zijn nervositeit goed kan maskeren, zeker wanneer er ongemakkelijke besprekingen gepland staan. Hij vraagt me de bijeenkomst mee te volgen want vandaag wordt, met een beetje chance, het project UP (United Perfect) na lang zoeken naar centen, eindelijk een gestart.

Op zoek naar de perfect vraag

Net op tijd komt iedereen binnen: de deelnemers komen uit Vormingplus, Konekt, Het Pakt en collega Bart van Wit.h. Het valt meteen op dat de aanwezigen elkaar niet zo goed kennen. De kennismaking duurt dan ook erg lang. Wat de Pakt kunstenaar aan tafel duidelijk een beetje tegenzit want hij moet ‘dringend’ zijn verhaal kwijt. Knorrig staat hij op en schrijft in grote krachtige letters op het bord: “Welkom op de stichtings vergadering van UP”. Met er onder de vraag: “wat zou jij graag veranderen aan jezelf?”.
De vraag komt eerst wat onwennig over maar dan barst het los met bemerkingen. Ik ben ook verrast door de vraag. Zou ik er anders willen uitzien dan ik nu ben? De initiatief nemers van het kunstkollektief Pakt knikken tevreden, dit is een goeie start discussie. Maar de meningen zijn verdeeld en de atmosfeer schuift op naar ernstig.

Vertrouwen

Het gesprek draait nu op volle toeren. Iedereen neemt de kans om zijn standpunt, zijn twijfels, zijn vragen en zijn voorkeur te laten blijken. Elkeen doet zijn uiterste best om begrepen te worden, maar de redevoeringen verlopen soms ongemakkelijk. Als buitenstaander voel ik een beetje trammelant. Het is boeiend om heel erg verschillende mensen samen aan het werk te zien, maar ze spreken precies niet dezelfde taal? Het is kunstenaar Lieven die trekt en sleurt en als een kapitein het schip de vaart in stuurt. Tegelijk wilt gespreksleider Kurt dat iedereen mee is op het schip en gooit het anker uit. Hij wilt als volwaardige crew meevaren maar eerst weten waar heen. Gas geven en remmen tegelijkertijd, het baart curieuze capriolen en omwoelt het water. Gelukkig blijft het vertrouwen in elkaar groot.

“UP: we zijn geen partij, maar we worden een partij!”

Wanneer iedereen vertrokken is durf ik het schrijfbord niet te wissen. Het is een wirwar van goeie bedoelingen. Vreemd curieus hoe we allemaal aanvoelen waar dit project heen gaat maar het nog niet verwoord krijgen opdat iedereen het kan begrijpen. Amai dit wordt een uitdaging van jewelste. Een uniek werkproces is opgestart.
Duidelijk is dat United Perfect is opgericht en ze worden een partij!

Groeten, een goeie gezondheid en tot volgend jaar,
suppoost met knieprobleem

Doe maar normaal!

Jason Hazina Peter Geertje

Doe maar normaal!

… “doe maar normaal” snauwt Jason me toe terwijl hij me streng aankijkt. Het is 11 uur in de ochtend en bij het betreden van de studio roep ik bij wijze van zwans: “ok, stoppen met arbeiden, tijd voor kerstverlof.”
Grappig vindt hij het niet. Zijn antwoord is gevat: “pas wanneer ik vertrek is het vakantie, doe maar normaal jij”. Later verneem ik dat hij drie maand naar Spanje trekt. Zijn ma heeft er een bedrijf. Een erg warme manier om de winter door te komen, ik geef toe ben beetje jaloers.

Vandaag moet ik langs de repetitie van ‘Onderland’. Even de temperatuur meten, foto’s nemen en vooral een babbeltje slaan, zo omschrijft onze chef mijn suppoost opdracht aan deze overkant te Antwerpen. Maar wat ik hoor tijdens de repetities neemt me bij de strot, en ik vergeet al snel mijn werk.
Bijvoorbeeld Jason draagt een fragment voor uit zijn bijdrage voor het poetische werkstuk ‘Onderland’:
“Ik heb een litteken in mijn hart.
Er zit ruis in mijn hart. Ik voel er niks van.
Mijn moeder heeft mij in mijn leven gebracht.
Ik heb downsyndroom.
Ik ben anders dan mensen
en mensen zijn anders dan ik.
Ik ben zo geboren, daarom of waarom.”

‘Onderland’ is geen theater.

Dit collectief heeft niet de ambitie om een toneelstuk op te voeren. De voorbije maanden schreven ze talrijke teksten samen maar soms ook elk op zijn eiland. De confrontatie met elkaar willen ze onthullen als een poëtische dialoog. Samen met het publiek dwalen ze af in een bad, ze trekken alle bezoekers mee in hun zoektocht.
Iedereen heeft zijn onderland weet je.
Ondanks het geen theater is, ontwikkelen ze wel een enscenering en transformeren de vier spelers af en toe tot vreemde figuranten zoals de Dondermaker, de Naveldraaister, de Snarenraker en de AardbaarDster. Bij deze laatste lijken baard en schaamhaar verdacht op elkaar. Bevreemdend maar tegelijk raakt het diep.

Peter Hazina Geertje Jason

Het aller-allerliefst ben ik hier samen bij jou …

In hoeverre is de mens het contact met zichzelf kwijt? Voelt hij zich nog verbonden met de aarde?
… “Ondertussen zei mijn man: bij mij geen kinderen met down! En trouwens als er een mongooltje geboren wordt, is het altijd de schuld van de vrouw” (uit getuigenis van Geertje Vangenechten in Onderland).
Luisteren alleen al maakt me verlegen. Maar ‘onderland’ heeft best ook veel humoristische passages en muziek en zang …
Zo horen we Hazina zingen:
“Helemaal alleen … zal ik boven komen
Helemaal alleen … bouw ik nieuwe dromen
Helemaal alleen … maar nog lang niet verloren
Helemaal alleen … wordt ik geboren”

Benieuwd naar het vervolg,
gegroet de suppoost met knieprobleem.

500 TON PATRICK DEWAEL

Klaus Compagnie

LIBRE PELIGROSO THIBORON en een 500 TON wegende PATRICK DEWAEL. Dit opschrift in zwarte alcoholstift raakt kant noch wal. Maar het plaagt me en daagt me uit om hier te blijven hangen. De absurde tekst werd net in één beweging neergeschreven en nestelt zich tussen de vele groteske figuren op het schilderij in wording. De aanstekelige lach van hij die de tekst verzon en neerschreef, galmt nog na. Het is alsof hij, Klaus Compagnie, steeds weer uitbundig geniet van elke ingeving, van elke artistieke daad. En dat lijkt hier alleen maar versterkt te worden door de aanwezigheid van Tom Poelmans.

Twee opmerkelijke leeuwen

Ik ben hier op vrijwillige basis vandaag. Mijn vrije dag offerde ik spontaan op voor een halve dag toeven in de nabijheid van Tom en Klaus. Zowat anderhalve maand geleden werd mijn nieuwsgierigheid danig geprikkeld bij de kennismaking met deze twee opmerkelijke leeuwen. Jawel, leeuwen! Mannen die van wanten weten. Mannen die zich met volle kracht gooien op hun prooi, de schilderkunst. Mannen die weten waar de kwast hangt. Klaus, de linkshandige en Tom, de rechtshandige. Twee handen op een buik.

Verduivelde schilderstel

Ach, doorgaans ben ik een plan-mens. Daarvoor ben ik ooit aangeworven aan de Overkant. De zaken op orde houden. Alert zijn. Wat zoveel betekent als het beschikken over een scherp observatievermogen. En misschien wel de neus van een detective. Op haar beurt vloeit een scherpe observatie voort uit een gezond stel ogen, goed ontwikkelde voelsprieten en een meer dan gemiddelde nieuwsgierigheid. Maar fijn ontwikkelde antennes wijzen echter ook op een hypersensitieve natuur. Een eigenschap die ik me nooit eerder toedichtte. En hier zit nou net de kink in mijn kabel.
De huishoudelijke taken die ik mezelf opleg op vrije dagen als deze, wat tot op vandaag altijd steunde op mijn onberispelijke discipline, heb ik voor het eerst met een nonchalance aan de kant gegooid. Zo van, dat kan wel even wachten. Schema overboord. Dat gebeurde nooit eerder in het bestaan van deze stringente zaalwachter. Het voelt alsof mijn leven even in een kolk terecht komt. Dat verduivelde schilderstel heeft hier wat aangericht.

Tom Poelmans

Schilderplezier

Onophoudelijk schildert de tandem Poelmans-Compagnie verder. Zoals ik al zei: als twee hongerige leeuwen, ontembaar. Alsof het de meest primaire behoefte betreft. Ik raak in de ban van zoveel daadkracht en genot op doek.
Ooit pikte ik in een gesprek het woord schilderplezier op. Schilderplezier, schilders-plezier, plezier onder schilders. Ik meen dat ik weet wat het betekent.

Bij Tutti Fratelli

Een wandelende opera?

Suppoosten voor Wit.h betekent op locatie werken. Het museum is altijd weer aan de overkant. En daar moeten wij dan heen. Suppoost spelen in een klassiek museum, altijd op dezelfde plek, dezelfde tijd en dezelfde mensen, het zou niets voor mij zijn. Ik ben altijd nieuwsgierig naar wat aan de overkant te beleven valt.
Vandaag trek ik naar Antwerpen naar Tutti Fratelli. Het kunstenaarscollectief ‘Onderland’ heeft er een tijdelijk onderkomen om te repeteren. Ze werken aan een performance voor het project Bloedtest maar repeteren in Kortrijk of Gent bleek moeilijk te organiseren. Dus dan maar naar Antwerpen, zo eenvoudig gaat dit bij ons. Ik zie jullie nu fronsen en zich afvragen of Wit.h nu ook theater maakt? Awel ik probeer het ook beetje bij beetje te begrijpen. We werken blijkbaar aan een soort opera? Maar dan een die wandelt?

Jason en Geertje

Puzzelen

‘Onderland’ is de naam dat het kleine collectief zichzelf aangemeten heeft. Ik heb ze al een aantal keren ontmoet in dit project: Geertje Vangenechten, Hazina Kenis, Peter Holvoet Hanssen en vandaag niet met Pieter Debruyne maar met de jonge acteur Jason Van Laere.
Ilse van Tutti is supervriendelijk en onthaalt ons met koffie. Peter bracht chocolade mee en Hazina trakteert met zelfgemaakte speculaas. Geef toe, een aangename job hé.
De eerste taak van de dag is samen een agenda opmaken voor de komende werkperiode. Onze chef artistiek doet niet graag zo’n praktische zaken en dus moeten wij suppoosten dit op ons nemen. Ik vind dit heerlijk, zo puzzelen met data en plekken tot alles perfect in elkaar haakt. Dit heeft me een goed gevoel.

Die Jason laat zich wel gelden.

Opvallend zo’n jonge man met het syndroom van Down met zoveel goesting om te spelen. Hij demonstreert een soort Flik-flak en werkt zich schijnbaar zonder moeite door een aantal setup s. Amai, mijn stramme lijf doet al pijn door gewoon toe te kijken. Maar zijn boodschap is duidelijk: “allez, laat ons beginnen”. Indien hij vandaag zijn plaats vindt mag hij het gezelschap versterken voor de duur van het project. Ik hoop het voor hem en voor ons, want zo’n kunstenaar erbij maakt toch wel een wereld van verschil.

Onderland

Vooraleer ze starten met werken vertelt Peter me hoe ze straks afdalen in ‘Onderland’. Ze willen zichtbaar maken dat er soms zo’n belangrijke gebeurtenissen op je pad komen dat het leven erna helemaal anders is. Deze kunstenaars verlaten zelfs de fysieke samenleving en dalen letterlijk af in de buik van onze wereld. Dit proces hebben ze reeds in een videofilm ingeblikt. Nu werken ze aan het vervolg als podium act. Mijn gedachten dwalen af en ik herinner me lange tijd terug een mevrouw die me vertelde dat ze zwanger was geweest van een kindje met het syndroom van Down. Hoe ze door de hel ging en emotioneel verscheurd werd en uiteindelijk toch abortus besliste. Haar leven is nooit meer hetzelfde geweest. En ook ik wist niet goed wat te zeggen.

Groeten de suppoost met knieprobleem

Een kolkend geheel van beeld en muziek

Johan Tahon

Ik had er op gehamerd. Dat we tijdig moesten vertrekken. Ik kan ze zo opnoemen, de knelpunten op de secundaire wegen. Ik volg de verkeerssituaties op vrijdagnamiddag nu eenmaal nauwgezet. Althans wanneer het tijdstip dit toelaat. Buiten de bezoekersuren zorg ik dat het Museum aan de Overkant er netjes bij komt te liggen, en dat terwijl de radio speelt. Het artistieke team staat de muziek oogluikend toe, zolang het maar buiten de tentoonstellingsuren valt. Het zou naar verluidt niet altijd klikken tussen mijn muziekkeuze en de kunstwerken.

Richting Zwalmstreek

De hybride wagen van het Museum trekt zich op gang, de snelweg op, om dan ter hoogte van Deinze de meanderende wegen in te sluipen richting Zwalmstreek. Daar woont en werkt de gerenommeerde beeldhouwer Johan Tahon. Mijn collega’s maken me deelgenoot van dit bezoek, het moet zijn dat ze mijn bijdrage in het museum nog steeds waarderen.
Bij aankomst word ik van meet af aan in een heel andere wereld dan de mijne gegooid: menselijke gedaanten in gips, soms onvolgroeid, soms misgroeid, soms ontmenselijkt, soms bovenaards, soms onderaards. Schoon en angstwekkend tegelijk.

Een universum vol mysterie

Tahon is een man van grote gestalte, met lange haren en al. Hij is bijna even groot als sommige van zijn beelden. Ik kan me best voorstellen dat je redelijk uit de kluiten gewassen moet zijn om dergelijke sculpturen te baren. Ik durf te denken dat het maakproces wel eens om een lijf aan lijfgevecht gaat. Maar ondanks die hele dramatiek is de ontvangst gastvrij en verloopt het gesprek zeer gemoedelijk. Ik voel me middenin een merkwaardige reis door een universum vol mysterie maar het voelt comfortabel aan.

Het gezelschap praat in één beweging de namiddag vol. Er wordt gemijmerd over kunst, de mens, de wereld en niet in het minst de bloedtest. Gaandeweg nemen ideeën hun eerste vorm aan. Al snel en tot mijn grote verbazing komen ze bij de muziek uit. Tahon kruist op zijn artistieke pad wel heel bijzondere mensen. En het zijn niet van de minste. Hij blijkt muzikanten van de bands Rammstein en Sonic Youth dan ook persoonlijk te kennen. De muziek van die mannen staat mijlenver van mijn persoonlijke keuze. Maar ik ken ze. Ook een suppoost kijkt wel eens over de schouders van zoon en dochter mee.

Een hellepoort

Wild Classical Music Ensemble komt ter sprake: een unieke, inclusieve band die jaren terug ontstond in de schoot van het Museum aan de Overkant. Waarom hen niet samenbrengen met een New Yorkse gitarist en ze posteren middenin de beeldenwereld van Tahon? En vervolgens dat kolkend geheel van beeld en muziek gaan filmen. Namen van cineasten en cameramannen vallen. Even zie ik het bos door de bomen niet meer. Ik heb het raden naar wat de uitkomst van dit proces zal zijn. Maar ik heb alvast weer iets om hongerig naar uit te kijken. Geloof me vrij, het helpt de wereld vooruit, zoveel enthousiasme, verbeelding en durf!

Een bevallige jonge dame arriveert

Een bevallige jonge dame arriveert

Het gevoelig gedicht is verdwenen uit de vitrine van het Museum aan de Overkant.
Ik vind het wel spijtig.
Het plein aan de kerk zal nooit meer hetzelfde zijn.
Maar er zijn nu eenmaal tijden van komen en gaan.
Een bevallige jonge dame arriveert. Ze heeft nieuwe plannen.

Ze spant draden in de vitrine en haalt een doek boven. Ik hou haar nauwlettend in de gaten.
Ze lijkt als twee druppels water op Frida Kahlo. Ze heeft prachtig zwart haar en opvallende wenkbrauwen.
In heel mijn suppoosten bestaan heb ik veel schilders de revue zien passeren. Frida Kahlo is de top. Mexicaanse, schilderes en surrealistisch.
Ze had niet echt veel geluk in haar leven. Kinderverlamming en een zwaar accident met een tram, zorgen er voor dat ze een vervormd bekken heeft en een eeuwig mankende tred. Miskramen maken haar ziek. De kinderloosheid en het gemis zijn een centraal thema in haar werken.
Ik vergeet nooit dat ene schilderij waar ze zichzelf naakt afbeeldt. Ze ligt op een bed in een grote plas bloed. Allerlei bloedbanen zijn verbonden met elementen buiten haar. Een ervan is haar ongeboren kind.
Of dat zelfportret met afgeknipt haar. Ze kijkt de toeschouwer aan en houdt de schaar losjes in haar handen. In het West-Vlaams hebben we daar een mooie uitdrukking voor: ’t is wreed schoon.’

Ondertussen werkt de jonge dame naarstig voort. 

Ik hou haar verder nauwlettend in het oog.
Ze heeft de draden gespannen en hangt rode doeken op. Op die doeken zijn foto’s van kunstenaars geprint. ‘Je moet je fantasie gebruiken’, zegt de dame lachend. De doeken suggereren de rode gordijnen van de opera. En ze plakt met gouden letters www.bloedtest.org op het raam van het Museum aan de Overkant.
Ze bekijkt haar werk van op een afstand en zegt met gefronste wenkbrauwen en een brede lach: dit is nog maar het begin!

De vrouwelijke suppoost

Overleg met alle betrokkenen van Bloedtest- dag

KLIK HIER VOOR VIDEO BEELD VAN DE CAMERATA ARTISTA

Het is zes november ’18, maar het lijkt hartje zomer. Van de klimaatopwarming begrijp ik niets en kan er weinig over zeggen. Maar zo warm in november dat voelt wel een beetje vreemd.
Vreemd of niet het doet wel ‘DEUGD’. De gezichten van de kunstenaars die een voor een de historische vergaderzaal betreden staan op modus: ‘welgezind’. En het zal nodig zijn.

Open communicatie.

In de auto op de heenreis naar Gent vertelt onze chef de agenda voor vandaag. Met alle kunstenaars die deelnemen, en dit zijn er meer dan 50 en dan nog eens een viertal gezelschappen overleggen we vandaag het ganse verloop van de walking opera: Bloedtest. De speel- en toonplekken, de timing, de rode draad, de muziek, … een nogal complex verhaal.
Ons team is goed voorbereid en ziet er naar uit om in een open sfeer te overleggen met alle betrokkenen. Het is niet van nul beginnen hé. De meeste kunstenaars zijn al een aantal maanden aan de slag en ons artistiek team coacht dit heel erg betrokken. Ik heb het gevoel dat we vlot vooruit gaan.

TOP catering en techniek.

Als suppoost kan ik me vandaag beperken tot het aanbrengen van het technish materiaal en onze productie medewerker Koen Moerman bijstaan. We hebben graag dat de zaken vlot verlopen, geen gestuntel met beamers en micro’s bij ons.
Het is ook erg leuk samenwerken met de collega’s van museum dr. Guislain. Zij hebben gezorgd voor een prima onthaal en de catering voor deze middag ziet er overheerlijk uit.

Biologie

Onze chef artistic doceert de ganse struktuur van de Walking Opera als een bioloog. Hij stelt het museum en de opera muziek voor als een CEL. De tentoonstelling wordt het DNA van de opera en de podiumacts worden vergeleken met de GENEN. Het CHROMOSOOM vormt het parcour van de Walking Opera en alle inhoudelijk aspecten verzamelt hij in het MEMBRAAN.
Amai super benieuwd hoe dit verder zal verlopen?

Groeten, de suppoost met knieprobleem

D-EFFECT

Vijf dansers en een muzikant

Vijf dansers in rare houdingen. Als lettertekens, schuinen en krommen steunen ze tegen een tafel of liggen als wrakhout gekanteld tegen het dansoppervlak. Geen van hen merkt mijn aanwezigheid op. Dat voelt tegelijk comfortabel en oncomfortabel aan. Maar dansers moeten nu eenmaal stretchen. Zoveel is duidelijk. Spieren klaarstomen om straks nog maar eens tot op het bot te gaan.

Over het muurtje kijken

Wat verder verwijderd van deze bizarre, levende sculpturen staat een muzikant. Een contrabassist. Hij stemt zijn kolos van een instrument en oefent enkele melodielijnen in. Gek toch, de repetitie is nog niet half aangevangen en ik waan me reeds in een voorstelling. Dat heb ik al eens voorgehad toen ik samen met mijn collega’s een hedendaags-klassiek muziekstuk mocht bijwonen. Maar dan in de omgekeerde richting, alsof de strijkers voor eeuwig hun snaarinstrumenten aan het stemmen waren, toen bleek dat de uiteindelijke uitvoering al bezig was. Toegegeven, mijn luistergedrag was toen nog geprogrammeerd. Stap voor stap leerde ik écht te luisteren, met gespitste oren in plaats van geconditioneerde oren. Gaandeweg leerde ik over het muurtje te kijken.

De taal van de dans

Ze gaan even zitten in een cirkel. Lisi, de Argentijnse choreografe, evalueert en doet dit wisselend in het Frans, Engels en Spaans. ‘D’accord’, antwoordt Frédéric in zijn moedertaal.
Jeetje, hier spreken ze alle talen door elkaar en als het niet doordringt tot iedereen, dan is er nog de taal van de dans, die alles overstijgt. Hier heus geen Babylonische spraakverwarring.
Mijn aandacht blijft even haperen bij deze overpeinzing tot ik wakker geschud word door bonkende, bezwerende elektroklanken. Rusteloos en onder stoom besmetten de dansers elkaar. Ze trekken grimassen, hun tong raakt de grond en de suppoost schuift naar het puntje van zijn stoel.
En dan, in één klap keert het tij. De stilte valt. De lichamen verstenen. Ik hoor enkel nog het hijgen van de dansers. De contrabassist neemt het roer over en strijkt weemoedig over zijn snaren. Een danser stapt schijnbaar argeloos naar hem toe. Tot mijn grote verbazing slaat hij de strijkende hand van de muzikant weg. Opnieuw en op slag valt de stilte. Hij staat oog in oog met de muzikant en begint zowaar diens instrument te betokkelen. Op zijn beurt reageert de bassist en strijkt er een melodie bovenop. Ik slik.
Jeezes, zo’n contrabas, dat is geen muziekinstrument maar een lichaam, een levensgroot mens. Dat zijn hier geen vijf maar zes lichamen in een interactie!

Topsport met een boodschap vol poëzie

Tot mijn grote spijt moet ik de repetitie verlaten. Schoorvoetend verwijder ik me van de arena en sla de deur achter me dicht. De energie zindert na en zet me aan het denken. Dit is verheven topsport; topsport vol poëzie. Dit is atletiek die ruimte laat aan onze zielenroerselen. Ik ben sprakeloos en verzoek hierbij iedereen om zich eens open te stellen voor deze verheven lichaamstaal.

D-EFFECT is een inclusieve dansvoorstelling van Passerelle in coproductie met Wit.h. De voorstelling toert door Vlaanderen en komt langs bij de Walking Opera Bloedtest als een videoinstallatie.

Baren in Blankenberge

Hazina

Nu moet het gebeuren.

📱“ Hallo, hallo, Peter hier, zeg je bent toch nog niet vertrokken naar Gent hé? We zouden elkaar zien in het dr. Guislain museum deze morgen maar we zijn veranderd van idee. ‘t Is te zeggen als het ok is voor jou?”
“Neen, ik ben nog niet vertrokken en was dat ook niet onmiddellijk van plan.”

“Blijven zo! We hebben net beslist dat we doorrijden naar Blankenberge. Ja het is zo’n prachtig mooi weer vandaag, precies zomer. En dat inspireert ons zo erg, dit mogen we echt niet laten liggen. Neen, neen, dit is ons moment. Iedereen is in extase. We moeten er onmiddellijk tegen aan. Hazina zal de aarde baren, nu maintenant, we moeten naar zee. Vandaag staat het te gebeuren.
De grote doorbraak is nabij. Ja man, precies weer zomer vandaag. Daaag.”

Blankenberge?

Hoe komen ze erbij, Blankenberge. Deze ‘parel’ aan de kust is in mijn gedacht nu ook niet zo inspirerend. Misschien een ideale plek voor wie zand en schelpjes lust, maar voor de kunst? Nu probeer ik al lang niet meer te discuteren met de kunstenaars. Onze chef zegt dat het typisch is voor ons museum aan de overkant omdat wij procesmatig werken. En die processen laten zich nu eenmaal moeilijk voorspellen. Elke stap kondigt de volgende stap aan en je kunt dit niet forceren. Er is wel een rode lijn uitgestippeld maar die zit vol kronkels en omwegen. Konden wij toch niet op voorhand weten dat het vandaag zo’n schoon weer zou zijn, in oktober dan nog? En dus uiterst flexibel moeten we zijn. En denk maar niet dat zo’n dag aan zee vakantie is.

Geertje

De oermoeder baart

Normaal zouden Peter Holvoet Hanssen, Pieter De bruyne, Hazina Kennis en Geertje Vangenechten een ganse dag werken in het dr. Guislain museum. Zij werken één van de vier podium acts uit binnen de walking opera: Bloedtest. Ik moest voor een beamer zorgen en hen technisch bijstaan.
Maar kijk, de zon heeft er anders over beslist. En wees gerust, ben er zeker van dat ze een uniek verhaal meebrengen van zee. De Oermoeder (hun act in bloedtest) wordt steevast nog verrassender.

Groeten,
de suppoost met knieprobleem

Wat een creatieve energie.

Myriam Mestiaen

Moerbeke

Eén minuut voor vier parkeer ik tussen de bomen op het plein en haal opgelucht adem.
We hebben het op tijd gehaald. Dat is niet eenvoudig, met al dat verkeer. Moerbeke ligt dicht bij Antwerpen. Gelukkig nog voor de duivelse ring. Ten minste als je het vanuit ons standpunt bekijkt.

Een groot beeld in Cortenstaal staat op een rondpunt als je het dorp binnenrijdt. Het noemt Kristal en herinnert de voorbijgangers aan de geschiedenis van de suikerfabriek van Moerbeke. Hilde van Sumere heeft beeldhouwwerken in het zuiden van China, in het Vlaams Parlement en dus ook op een rondpunt in Moerbeke (Waas).

Unieke dames

Mijn baas en ik hebben een afspraak met de dames van DES. We zijn te gast bij Myriam. Zij tekent, schildert, zingt en woont, ongelooflijk mooi. Haar terras ligt aan het water. Haar boot ligt op de Moerbeke vaart. Het is een ‘unieke plek’.
De DES dames wachten ons op. Wij zijn nieuwsgierig. Zij zijn ongeduldig.
DES is een afschuwelijk synthetisch hormoon. 30 jaar lang hebben onschuldige vrouwen een zogenaamde, onschuldige vitamine geslikt. Ze wilden een perfecte zwangerschap en een miraculeuze baby.
Jaren later is het leed tastbaar en de realiteit bikkelhard. DES ‘slachtoffers’ zijn kinderen of kleinkinderen die geen kinderen kunnen krijgen. Allerlei afwijkingen zorgen voor problemen, ziektes en een levenslang gemis.

Het gaat over de buik

Myriam Mestiaen

‘Ik was amper 19 toen ik hoorde dat ik nooit kinderen zou kunnen krijgen’, vertelt Myriam. Op zo een leeftijd ben je niet bezig met gezinsplanning. Ze tekent vaak een ‘Recycling woman’, een vrouw die een cirkel vormt. Om de cyclus rond te maken, steekt ze haar tenen in haar mond. ‘Recycling woman’ is ook de titel van een lied op de plaat Kiss of life. Ik krijg daar kippenvel van.

DES gaat ook over de buik, net als bloedtest. Alle twee gaan ze over maakbare mensen, moeilijke keuzes maken en oorverdovende taboes.
Wij van het Museum aan de Overkant en de dames van DES willen graag samenwerken. Vandaag komen wij kijken en luisteren naar hun eerste creatieve plannen. Jullie komen binnen in onze keuken zegt de ene. Het is des mensen fluistert de andere.

We voelen de hartslag

De actrice Hilde Heijnen is in topvorm. Ze vertelt honderduit. We hebben een paar keer gerepeteerd met de muzikanten van Velvet Morning. We hebben van alles uitgeprobeerd, geïmproviseerd.

We horen: ‘ik wil als ik sterf jouw handen op mijn ogen’. We horen een stuk met de klank van een hartslag in de baarmoeder. De actrice spreekt daar doorheen. Ze brengt ongrijpbare en onbegrijpelijke teksten in het Frans. De woorden komen in een razendsnel tempo. De kloppende hartslag overstemt geleidelijk aan haar stem. En dan komt er een nummer over niet kunnen kiezen. ‘Keuzestress’ en ‘choisir’ krijgen de klank van het slijpen van scherpe messen.

Ik zit vastgeklonken op mijn stoel en slik herhaaldelijk.
Wat een creatief nest. Wat een energie.

De vrouwelijke suppoost

Stilte behandel je met eerbied.

Klaus en Tom

Stilte

Een indringende stilte valt als een deken over me heen. Plotsklaps. Nu pas, bij het betreden van het begijnhof, heb ik door waarom die toegangspoort nog steeds in gebruik is.
Het zijn beschermde oorden. Maar wat ik aan de lijve ondervind is dat begijnhoven ook de hoeders van de stilte zijn. En dat is maar goed ook. Stel je voor dat deze stilte, broos als ze is, uitgelaten wordt, de stad in. Of stel je voor dat de stad Gent binnen gelaten wordt en als een razzia te keer gaat. Wat schiet er dan nog over van de stilte? Stilte behandel je met eerbied. Roekeloosheid hoort op deze plek niet thuis, daarvoor trek je de stad in.

Rust

We bellen aan huisje nummer 96 aan. Er wordt gerommeld aan het slot. Al snel wordt de deur ontgrendeld en daar verschijnt Klaus in mijn zicht. Klaus Compagnie, ik ontmoette de kunstenaar reeds jaren terug. Ietwat onhandig laat hij ons binnen. De lichtinval is er schaars. ‘Van de duisternis word je stil en kom je tot rust’, werpt Tom Poelmans – de andere kunstenaar die ons vergezelt – me toe. Hier blijkt het goed toeven voor Klaus. Het schenkt hem de rust waar hij zo naar hunkert.

Persoonlijkheid

In zijn donkere huis staat een tafeltje voor vier gedekt. Koffietassen en koekjes, Russische sigaretten dan nog. Ik kan me niet bedwingen, de zoetekauw die ik ben.
Over Russische sigaretten gesproken, Klaus is een roker. Een fervente sigarenroker dan wel. Bijna niet meer van deze tijd verleent het hem een aparte status. Hij lurkt aan zijn sigaar als geen ander. Voor mijn part mag Compagnie zo in het rijtje naast Churchill en Castro staan. Hij trekt onophoudelijk aan dat ding, dat zich tussen zijn lippen behendig in alle richtingen slaat en rookpluimen de Gentse herfsthemel in blaast. Terzelfdertijd verraden de grimassen op zijn gezicht dat hij met moeite zijn vele overpeinzingen binnen weet te houden. Ik raak in de ban van deze persoonlijkheid.

Vanochtend nog deed hij research naar het oeuvre van volbloedschilder Tom. Zo’n houding, dat zint Tom wel. Ook hij wist zich vooraf te informeren over Klaus. Samen bekijken ze filmpjes op YouTube. Ik kijk mee over hun schouders heen. Een interview van Klaus met justitiejournaliste Caroline Vandenberghe trekt mijn aandacht. Het vervult hem met trots. Maar ook met zijn ontmoetingen met gewezen minister Stefaan De Clerck, politica Mieke Vogels en nieuwsanker Wim De Vilder pakt hij fier uit. ‘Die weet zijn vrienden te kiezen’, hoor ik Tom denken.

Tom en Klaus

Kameraadschap

Tom en Klaus gaan straks samenwerken in het project Bloedtest. De eerste date van deze twee kunstenaars maakt duidelijk dat dit tot kameraadschap en schilderplezier zal leiden. Daar liegen de aanstekelijke, amper in te tomen binnenpretjes van Klaus niet om. En Tom, die kijkt minzaam toe. Mijn collega ziet dat het goed is. Dat voel ook ik aan mijn kleine teen en graai nog een Russische sigaret mee.

Nu is het aan jullie

De man met het syndroom van Down

‘Nu is het aan jullie allemaal’, zegt de man met het syndroom van down, en hij kijkt theatraal naar de volle cinemazaal in de Budascoop.
Het museum toont vanavond een film: ‘Zie mij doen’. De film gaat over het leven van Jessica, Quan en Mathias. En over hoe de mensen naar hen kijken. Zwart op wit worden hun emoties getoond. Ik doe mijn ogen toe als ze het haar van Sofie knippen. Sofie is zo zwaar gehandicapt. Ze kan haar hoofd niet stilhouden. Ze schreeuwt als een dier. Ik kan het niet helpen, haren knippen van weerloze vrouwen, daar kan ik echt niet tegen.

Maar ik wijk af. Mijn job is vanavond helpen kijken of alles goed verloopt en zorgen dat iedereen op tijd in de zaal geraakt.
De film is gedaan. Er staan zes stoelen voor het grote witte doek. Vier mannen en twee vrouwen gaan in debat over wat we net gezien hebben.

De man met het syndroom van down

bijt de spits af en feliciteert de documentaire maakster. De gevoelens zijn mooi in beeld gebracht. Eén vrouw vindt de film niet goed. De film toont een romantisch beeld. De film toont mensen die in een instelling zitten. Tonen we niet beter de inclusie in de samenleving?
Romantisch? Instelling? Zitten? Ik denk er het mijne van.

Plots veert een vrouw recht midden in de zaal. Ze zwaait wild met haar hand als een ongeduldige leerling die de aandacht van de meester wil krijgen. Als een furie gaat ze tekeer. Dat iedereen maar eens moet komen kijken naar de instelling. Dat Sofie er een goed leven heeft.Het lijkt wel of we midden in het Vlaamse Parlement zitten waar de ministers schreeuwen om hun gelijk in de aanloop van de verkiezingen.

De man in het midden van het panel moet het gesprek terug glad strijken.
Hij geeft het woord aan de acteur. Die zit te zweten bij zoveel animo. Hij zucht en zegt dat hij niet op die manier gekeken heeft. Hij heeft zich niet afgevraagd of het de juiste beeldvorming is. Hij heeft verhalen gehoord en mooie mensen gezien. Dat heeft hem danig ontroerd. De film is voor hem een kunstwerk.

De man met het syndroom van Down krijgt het laatste woord.

Deze keer kijkt hij theatraal en vol bewondering naar zijn collega kunstenaar, de acteur. Hij heeft gelijk, zegt hij met veel overtuiging. En zij, waarbij hij de filmmaakster recht in de ogen kijkt, heeft iets moois gemaakt. Het is goed dat je gevoelens van mensen toont.
Daarna richt hij zich weer tot de volle zaal. En jullie, jullie hebben dit allemaal gezien. Nu zijn jullie allemaal aan de beurt.
Het publiek applaudisseert lang en luid.
Zie hem doen! Denk ik bij mezelf.
Ik slaak een zachte zucht van verlichting. Vanavond was mijn suppoosten job weer anders dan anders. Geen tentoonstelling, geen atelier maar een film over mensen met een beperking. De man met het syndroom van Down heeft gelijk, nu is het aan jullie. Denk daar maar eens goed over na: beperking, kijken naar beperking en alle gevoelens die daar bij horen.

De vrouwelijke suppoost

Info film: Zie Mij Doen

Lourdes, Lourdes

Elias en Karel

Een missie

Avonturiers met een missie, dat zijn Karel Verhoeven en Elias De Brauw. Zowat vier maanden terug maakten ze een roadtrip naar Lourdes om de wereld te verbeteren. Vandaag zijn ze te gast in het Museum aan de Overkant om hun wedervaren te verslaan in de vorm van een roadmovie.

Lourdes

Ik was erbij toen zij destijds met die bestemming op de proppen kwamen. En ik werd ook even ingezet. De belhamels namen deze arme suppoost wel in het ootje. Groot was toen de schok om onvoorbereid en holderdebolder mijn reiskoffer te moeten inpakken, l’Autoroute du Soleil op. En daarbovenop de vrees om van de ene op de andere dag het museum achter mij te moeten laten zonder zaaltoezicht. Gigantisch was de opluchting toen bleek dat er ook een Lourdes in Oostakker ligt. Net als Gibraltar in Outryve, Klein Rusland in Zelzate en Buitenland in Bornem.

Daar in het nabije Oostakker was ik getuige van hun verdere plannen. De ultieme bestemming om hun boodschap uit te dragen moest het Zuid-Franse bedevaartsoord worden. Al hun vragen over ons mensbeeld zouden ze beantwoord zien aan de Lourdesgrot. Of dat was alvast de hoop. Een voorstel dat door de collega’s van het verdiep enthousiast werd onthaald en waarbij de suppoost godzijdank door de mazen van het wegennet glipte, honkvast als hij is.

Flashback en flashforward

Ik krijg de gelegenheid om vanuit een scherpe hoek de film mee te volgen. Een eerste, ruwe montage, zo blijkt. Na het bekijken van de film wordt er flink wat gepingpongd door de wijzen rond de tafel. Af en toe wordt mijn aandacht afgeleid door de sappige huig-r van de twee avonturiers. Nee, ze kunnen hun Gentse afkomst niet verloochenen. Ja, ik hoor ze graag bezig, die twee.
Middenin de discussie over de spanningsboog in de film veert beroepsroker Elias op en gaat buiten een sigaret opsteken. De bespreking gaat verder, over opbouw, flashback en flashforward. Ik herinner me ook wel films gezien te hebben waarin een loopje wordt genomen met het verloop in de tijd. Zo van die films die beginnen met het einde en je dan om de haverklap heen en weer katapulteren tussen wat komt, wat is en wat was. Vooruit, achteruit, alles dooreen gehaspeld, vergeef me. Het is arbeiden voor de kijker. Puzzelen en monteren in je hoofd. Ik ben geen kenner maar desalniettemin kan ik niet ontkennen dat een filmmaker daar toch een grotere spanning uithaalt.

Het is wachten

Al die film-technische overwegingen en discussies buiten beschouwingen gelaten weet ondergetekende ondertussen wel hoe het Karel en Elias is vergaan. Maar loyaal aan mijn werkgever hou ik de kaken op elkaar. En dat nog voor pakweg driekwart jaar. Het is wachten op Bloedtest.

Si – Fa# wat doet het met een mens?

Kris Luc Pol Diederik

Si – Fa#

‘Waarom moet het in ‘si – fa#’ zijn?’, vraagt Diederik aan Kris. ‘Omdat ik dat zo mooi klinken vind’, repliceert deze laatste onverzettelijk, zijn mondhoeken lichtjes naar omhoog neigend. Diederik overpeinst die keuze binnenskamers. Aan de overzijde van de tafel lacht Pol kameraadschappelijk, genietend van deze conversatie.
Als suppoost mag ik deze morgen mee aanschuiven aan de vergadertafel aan de Overkant. Mijn collega’s nodigden drie musici uit voor een brainstorming rond de Walking Opera, onder welke vorm het Bloedtestproject uiteindelijk moet doorgaan.
‘Mij best’, gaat Diederik verder, ‘maar dat is een delicate opdracht voor de zangers; bij het verspringen naar een hogere octaaf kan dat een stembreuk veroorzaken’. Een stembreuk? Ik schrik me ei zo na een liesbreuk. Ik die dacht dat onheil ophield bij been-, maag- en andere wolkbreuken.

Salvo’s

Terwijl ik koffie serveer voor de heren, vuren ze allerlei muzikale termen af om me heen. Behendig voor mijn leeftijd – en dat ondanks mijn houterig voorkomen – kan ik de salvo’s nog net ontwijken. Maar ik slaag er helaas niet in om bij de les te blijven. Gesamtkunstwerken, circulaire bewegingen, peripeteia’s, distortions, diminuendo’s en andere fading outs…, ik kan hen niet bijbenen maar daar liggen zij niet wakker van.
Als je ze loslaat zijn die klankenbouwers en toondichters onder elkaar al even erg als hun equivalent, de beeldende kunstenmakers. En of ze een boom kunnen opzetten over hun kennis en praktijk. Een heel bos! Maar toegegeven, mijn scherpe observatie zegt me dat het geen loze praat is. Muziek maken en spelen is duidelijk geen gratuite bedoening.
De modeste zaalwachter houdt zich echter ver van dat hele denkproces. Muziek is een zaak van het oor, niet?

Muzikale wateren

Muziekdocent en muzikant Kris doorzwom reeds vele muzikale binnen- en buitenwateren. Hij heeft een uitgesproken mening, denk maar aan die ultieme ‘si – fa#’ combinatie waar hij onder geen beding van afwijken wil. Diederik, eveneens docent, componist en dirigent, praat al even passioneel. Bedaarder van aard is Pol. Hij is wat ze hier aan de Overkant een ‘sound wizzard’ noemen, een klankentovenaar en knoppendraaier die zijn hart verpand heeft aan elektronica en daar ook alles van af weet. Hij kan het kluwen van kabels en muzikale ideeën ontwarren, wat de andere twee vertrouwen lijkt in te boezemen, nu ze de begane paden willen verlaten.
Dit zijn duidelijk mannen met goesting. En jeetje, die slaat over op mij.
Binnenkort gaan ze alle mogelijke hoeken van het Museum dr. Guislain verkennen en testen op hun akoestiek. Eerlijk, ik wil wel een vrije dag opofferen om erbij te zijn. En even onder ons: mijn eergevoel is zo rekbaar als een elastieken bungeekoord, zelfs met de status van slippendrager neem ik genoegen.

Een cruciale vraag

Op dit ogenblik is er echter één cruciale vraag die me tergt en onbeantwoord blijft: kan iemand me in hemelsnaam vertellen hoe een ‘si – fa#’ akkoord klinkt en wat het doet met een mens?

Kwaliteit

Kwaliteit

‘Kwaliteit’, zegt de man uit Ieper, bij wijze van verwelkoming. Ongewone en grappige omgangsvormen komen hier wel vaker voor, sinds ik jaren terug in het vak van suppoost aan de Overkant stapte.

Comfortabel

Dominique Beun is zijn naam. Hij woont in Ieper, fantaseert en tekent in Wervik, en neemt altijd een trein te vroeg. ‘Je kan er donder opzeggen dat ie weer een tiende etmaal te vroeg zal zijn’, hoorde ik mijn collega van het eerste verdiep nog zeggen. Een gewaarschuwd suppoost is er natuurlijk twee waard. En zo geschiedde: het vredige ochtendgloren werd aan stukken gereten door mijn alarmklok, op zich al niet mijn beste maatje. Een rustig ontwaken aan het zuiderse Vandaleplein zat er deze keer niet in voor mij.
Op de koop toe blijkt zijn compaan, kunstenmaker en manusje van-papierwaren-tot boeken-en-woordentovenarijen, Christoph Bruneel zijn evenknie te zijn. De slaapvouwen op zijn gelaat blijken al uren weggewist. Al even matineus is hij, en ervan overtuigd dat de ochtenden de verbeelding het beste dienen.

Ondanks het prille uur voelt de ontmoeting meteen comfortabel aan. Dominique kijkt me schalks aan en Christoph vervolgt meermaals met een bulderlach: zo’n kanjer van een lach die piekt, schokt en trillingen veroorzaakt. De kasseien op het Vandaleplein dansen zich los van hun voegen. Of ligt het aan mij, nog bekomend van het onhebbelijke uur?

Strijd tegen het kwaad

Wanneer de Sint-Maartensklok negen uur slaat zijn de twee reeds diep in een verhaal verzonken. Een verhaal over en met ‘de meisjes’ en niet te vergeten… ‘kwaliteit’!
Een van mijn collega’s – kunstenkenners vervoegt hen. Ze hebben het over een ruw scenario. Over zinnen. Ondertussen, vanuit mijn geliefde actieterrein, het achterplan, spits ik de oren en stel de blik af op zijn scherpst. Vanuit dit statuut en positie leert de suppoost veel bij in de luwte.

Ik vis woorden op, pijlers binnen hun verhaal. Ze hebben het over de goeden. En over de slechten. De goeden, dat zijn de meisjes, die wellustig copuleren en kinderen dragen. De slechten dat zijn de volbloedvampiers, die de vrouwen van hun kinderen beroven, en die opvreten. De meisjes gaan bijgevolg en over tot de strijd tegen het kwaad.

Perfectie

Tot ik plots een Latijns aandoende zin meen waar te nemen, iets als ‘In Perfectio Nihil Anima’. Ik haal mijn Smartphone erbij en probeer via de vertalingsmachinerie tot een aanvaardbare vertaling te komen. ‘In perfectie schuilt de leegte’ moet het zowat zijn. De zin pakt me bij mijn kraag en zet me aan het denken. Vast voor lang.

Groeten de mannelijke suppoost.
Dominique Beun en Christoph Bruneel werken mee aan de Walking Opera