Alles wat we doen komt uit het gevoel

  • Alles wat we doen komt uit het gevoel

‘Gij zijt ne knappe gast’, zegt ze tegen mij, terwijl ze mijn private radius betreedt en me recht in de ogen kijkt. Ik loop net niet rood aan maar sta perplex. Dit is een suppoost nog nooit overkomen. Daar kun je donder op zeggen. Vraag het maar na, van Moma tot Louvre. En zeggen dat we hier nog maar pas aangekomen zijn. Binnen de seconde neemt een zalig gevoel over en maakt me aan het lachen. Hier in Turnhout is dus wel een en ander mogelijk.

Ze heet Els, heeft Down en is actrice bij Theater Stap. Marc, de artistiek directeur van Stap stapt de conversatie tegemoet. Plagerig gaat hij de concurrentie aan. ‘Ik denk dat ik toch knapper ben, Els’. ‘Nee hoor’, zegt ze overtuigd. Duidelijke taal. Onomwonden, eerlijk, right into the face en van een hoge gevoelsfactor.

Van de halve en de hele

Dat ze het gevoel hier hoog in het vaandel dragen, wordt ook tien minuten later duidelijk wanneer we in de repetitie worden gedropt. ‘Het spektakel van de halve en de hele’, is wat hun performance voor de Walking Opera worden moet.
Dit is lang geen generale repetitie. Tevergeefs zoek ik naar een heldere verhaallijn. Was ik te vooringenomen bij aankomst of moet ik twijfelen aan mijn kennis van theater? Ken ik de codes van dit medium wel? Tijdens de onderbreking hoor ik dat dit daadwerkelijk over in scène gezette situaties gaat. Iets als een collage, durf ik te begrijpen. Als aaneengeregen foto’s en bewegingen. En ja, regisseur Bart (Van Gyseghem nvdr.) hamert flink wat op de timing, de ultrakorte stills tussenin, de simultane bewegingen, de scherpte en van dat soort meer. En hameren doet hij met letterlijke slagkracht (ben ik blij dat ik niet op scène sta)! Zijn stem klinkt als een salvo donderslagen. Maar de Stap acteurs zijn geen doetjes. Ze hameren terug en zeggen wat hen al dan niet zint. Eentje laat wel even een traantje maar recht de rug binnen de seconde. Dit zijn dan ook volbloedacteurs. Gepokt en gemazeld op de scène.

Ontiegelijk grappig

Het is zeer visueel. Een stuk met weinig woorden maar des te meer grimassen, kreten van verwondering en verbazing. Ontiegelijk grappig ook. Plotsklaps komen, een voor een, personages in een machinale tred als robotten over de scène gedrenteld. De ritmische muziek schakelt ze in de juiste versnelling. Het werkt aanstekelijk. Ik spits mijn oren en hoor mijn collega’s luidop lachen; groen licht dus om me ook te laten gaan.
Wat zo heerlijk is aan het stuk, is dat ze een loopje nemen met de perfectie. Ze hebben het over de halve en de hele. Twee halve samen maken ook een hele, lijken ze te suggereren. En die gedachte is nog zo slecht niet, denk ik dan.
‘Er moet meer vaart in’, roept de regisseur plots. Die ene acteur met zijn Hollands accent spreekt. Zijn stem en toonzetting, die grijns en gladheid: het maakt van hem een buitenstaander binnen het universum van de halve. ‘Bent u verzekert tegen het leven?’, infiltreert hij honend.

Tegengif

Nog nooit woonde ik zo’n repetitie bij. Die intensiteit, het volharden en het vallen en opstaan, daar doet een suppoost zijn hoed voor af.
Het spektakel doet me hardop lachen. Maar af en toe ook ineenkrimpen van angst, eerlijkheidshalve. ‘Het spektakel van de halve en de hele’ vormt een tegengif tegen de oprukkende maakbaarheid van de mens. Om hoogdringend te koesteren! Om hoogdringend te omhelzen!

Groeten,
de suppoost.

0 replies

Leave a Reply

Want to join the discussion?
Feel free to contribute!

Geef een reactie

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *